Passiefhuis Platform vzw
>> home NL | EN
     
 


Mail een vriend
 
 
Welkom > Veelgestelde vragen
[print]

Veelgestelde vragen

Passiefhuizen: de mythes ontkracht! Er doen heel wat verhalen over passiefhuizen de ronde. Maar wat is er allemaal van waar? Kijk eens in de 'Frequently Asked Questions'-lijst hieronder, misschien hebben wij uw vraag al eerder beantwoord.


Algemene vragen

Wat zijn de belangrijkste voordelen van een passiefhuis?

Is het werkelijk zo dat passieve huizen helemaal geen verwarming nodig hebben?

Wat zijn de belangrijkste verschillen tussen een laag-energiehuis en een passiefhuis?

Bestaan er al veel passieve huizen in Europa?

Kunnen passieve huizen overal gebouwd worden?

Kan je vanaf een bestaand huis een passiefhuis maken?

Kan men het principe van passiefhuizen toepassen op eender welk type gebouw?

Zijn passieve huizen de toekomst?

Kan ik ergens ervaren hoe het is om in een passiefhuis te wonen?

Hoe weet ik of ik een goed ontwerp heb van een passiefhuis?

Wat is een bouwteam?

Welke risico's loopt de zelfbouwer indien de uitvoering van de werken niet perfect gebeurt?

Wat is PHPP?

Kan ik in een passiefhuis een kachel of een open haard installeren?

Wat zijn passieve warmtewinsten?

Vragen ivm isolatie

Waarom moet ik mijn huis isoleren?

Wat is een koudebrug?

Wat is een K-waarde? Wat is het K-peil van een passiefhuis?

Wat is de U-waarde/k-waarde? Wat zijn de gebruikelijke isolatiewaarden voor passiefhuizen?

Wat is een psi-waarde?

Wat is een lambda-waarde?

Is het mogelijk om in plaats van drievoudige beglazing een dubbel raam te voorzien, met telkens dubbel glas? Wat is de invloed hiervan op het prijskaartje?

Vragen ivm ventilatie

Wat is balansventilatie?

Wat versta ik onder een goede ventilatiestrategie vanuit energetisch oogpunt?

Is het mogelijk om de mechanische ventilatie in de zomer en gedurende het tussenseizoen te vervangen door een natuurlijk systeem?

Wat is een grondbuis of bodem-lucht-warmtewisselaar ?

Kan ik in een passiefhuis een raam openzetten?

Vragen ivm luchtdicht bouwen

Waarom luchtdicht bouwen?

Hoe luchtdicht bouwen? Waar bevinden zich de meest voorkomende lekken?

Welke luchtdichtheidsgraad vraagt de Belgische normering?

Hoe kan de luchtdichtheid van een gebouw worden gemeten?  Wat is een pressurisatieproef of blower-door-test?

Vragen over het financiële aspect

Zijn passieve huizen duur? (in vergelijking met een traditioneel huis en een laag-energiehuis)

Voor welke subsidies en fiscale voordelen kom ik met een passiefhuis in aanmerking?

Vragen ivm certificatie van passiefhuizen

Waarom en hoe laat ik mijn passiefhuis certificeren?

Kan ik met een gecertificeerd passiefhuis blijven genieten van de belastingvermindering, wanneer ik mijn passiefhuis binnen de 10 jaar verkoop?

Welke gegevens zijn er nodig voor de passiefhuis-certificatie van schrijnwerk?



Algemene vragen


Wat zijn de belangrijkste voordelen van een passiefhuis?

In tijden van stijgende energieprijzen en dringende klimaatmaatregelen biedt het passiefhuisconcept een antwoord op tal van uitdagingen voor de zeer nabije toekomst. De voordelen van passiefbouw nog even op een rijtje:

- Bij een passiefhuis wordt het gebruik van een conventioneel verwarmings- en koelingssysteem overbodig door de zeer specifieke manier van bouwen. Warmteverliezen worden zo volledig mogelijk geminimaliseerd. Dat betekent dat je in een passiefhuis niet investeert in een centrale verwarming of kachels. Met het vrijgekomen budget kan je dan bvb. een betere isolatie plaatsen. Het wordt daarmee een gebouwconcept waar tegelijk comfort en kosten geoptimaliseerd zijn.

- Het totale energieverbruik van een passiefhuis is gemiddeld 75 procent lager dan een traditionele nieuwbouwwoning. Ten opzichte van bestaande Vlaamse woningbestand ligt het energieverbruik zelfs tot 85 procent lager. De bijbehorende energiefactuur zal met andere woorden maandelijks ook vier tot vijf maal lager uitkomen dan in een conventioneel gebouw. De nadelen van het gebruik van traditionele energiebronnen worden dus geminimaliseerd en men is onafhankelijker van de wispelturige prijzen op de energiemarkt.

- Een stabiele investering. Onderzoeken wijzen bovendien uit dat duurzame gebouwen een hoger rendement hebben dan niet-duurzame gebouwen.

- Creatieve ontwerpvrijheid van de architect en bouwheer. Passiefhuizen worden gebouwd in alle maten, gewichten, stijlen en prijsklassen. Het passiefhuisconcept is dan ook een constructiestandaard, gestoeld op zes principes, en geen specifiek bouwmodel dat klakkeloos moet worden gekopieerd.

- Met een gecertificeerd passiefhuis aanspraak op een fiscale aftrek van 10 x 790€ / jaar.  Ook op gewestelijk en soms gemeentelijk niveau maakt men aanspraak op premies. Ook uw netbeheerder geeft premies.


Is het werkelijk zo dat passieve huizen helemaal geen verwarming nodig hebben?

Een passiefhuis heeft voor ruimteverwarming een jaarlijkse warmtevraag van 15 kWh/m² of minder. Dit stemt overeen met 1,5 m³ gas of 1,5 liter stookolie per m² vloeroppervlakte. Bij een standaard-nieuwbouw die vandaag gezet wordt, is dat 8 keer zoveel! De maximale warmtevraag bedraagt zelfs in extreme omstandigheden amper 10 W/m². Dit wil eigenlijk zeggen dat je je woning kan verwarmen met het vermogen van een strijkijzer (1.000 à 2.000 W).

Een passiefhuis wordt standaard uitgerust met een zeer efficiënte mechanische ventilatie om de luchtkwaliteit in de woning optimaal te houden zonder dat er te grote warmteverliezen optreden. De warmte die normaal her en der door openingen in de buitenschil van het gebouw naar buiten gaat, wordt gerecupereerd om de verse binnenstromende lucht op te warmen. Dat betekent meteen ook dat er minder energie verspild wordt (er gaat minder warme lucht naar buiten) en meer comfort ontstaat (er komt minder koude lucht binnen en dus geen problemen met koude tocht). De constante ventilatie met verse buitenlucht draagt daarenboven bij tot een gezonder binnenklimaat.

Tijdens het grootste deel van het jaar zorgen deze keuzes ervoor dat de woning op kamertemperatuur blijft zonder een conventioneel verwarmingssysteem te gebruiken. Bij de meest extreme buitencondities is er echter wél een actieve verwarmingsbron nodig. Die is echter zeer klein. De warmtevraag kan enerzijds opgevangen worden door het plaatsen van een kleine radiator of convector in de leefruimte of badkamer. Anderzijds kan er voor gekozen worden via de ventilatielucht na te verwarmen. De ventilatielucht (ongeveer 150 à 250 m³ lucht per uur) kan daarbij maximaal 20 à 30° C meer dan de normale inblaastemperatuur van ca. 17° C worden opgewarmd. Zo kan zelfs bij extreme buitencondities de woning op een comfortabele temperatuur gehouden worden.


Wat zijn de belangrijkste verschillen tussen een laag-energiehuis en een passiefhuis?

De term 'passiefhuis' verwijst naar een zeer duidelijke constructiestandaard, die nog een stap verder gaat dan de 'lage-energie woning'. Voor een passiefhuis moet het energiegebruik voor verwarming kleiner zijn dan 15 kWh/m2 per jaar. Een laag-energie gebouw heeft echter geen strikte definitie zoals een passiefhuis.

Een laag-energie huis heeft meestal een isolatiepeil van rond de K30, en een E-peil (maat voor energieprestatie) van E60. Dat is al veel beter dan de doorsnee-nieuwbouw van vandaag (K45 en E100), waardoor de behoefte aan verwarming al kleiner wordt. Er is nog een verwarmingsinstallatie nodig, maar ze hoeft niet meer zo groot te zijn.

Bij een passiefhuis gaan we de investering die we normaal zouden benutten voor een verwarmingsinstallatie gebruiken voor het plaatsen van meer isolatie, beter isolerende ramen en beglazing en betere ventilatie. Het totaal energiegebruik van een passiefhuis ligt hiermee zo'n factor 2,5 lager dan dat van een laag-energie woning. In een passiefhuis is er geen algemene verwarmingsinstallatie voor ruimteverwarming nodig.

Daarnaast wordt in een passiefhuis altijd een mechanisch ventilatiesysteem met warmterecuperatie toegepast, hetgeen niet in alle laag-energie woningen het geval is. De luchtkwaliteit is hiermee ook steeds gegarandeerd.


Bestaan er al veel passieve huizen in Europa?

In gans Europa staan ondertussen reeds een paar duizend passiefhuizen, vooral in Duitsland (ca. 10.000), Oostenrijk (ca. 2000, 1/4 van de huidige nieuwbouw is momenteel passief!), Zwitserland en Zweden. In België staan momenteel een 200-tal passieve woningen. Maar we mogen vandaag de dag zeker spreken van een heuse boom. Meer dan 300 projecten staan hier op stapel.  Ook in Nederland en  Frankrijk maakt het concept opgang en recentelijk zijn ook in Oost-Europa proefprojecten opgestart.

Ondertussen bleven de realisaties niet beperkt tot woningen, maar werden er ook flatgebouwen, kantoren, scholen, bejaardentehuizen, fabrieken, supermarkten ... volgens dit principe opgetrokken en zitten er nog veel meer projecten in de pijp.


Kunnen passieve huizen overal gebouwd worden?

In principe kan je passiefhuizen overal ter wereld neerzetten omdat het een zeer eenvoudig maar toch zeer intelligent concept is. De eisen die gesteld worden aan de thermische weerstand van de muren, daken en ramen zijn natuurlijk wel afhankelijk van de buitencondities. Zo kijkt men in Zweden al niet meer op naar een halve meter isolatie in een passiefhuis.

Volgens de definitie van een passiefhuis geldt voor het gebied van 40°-60° noorderbreedte dat de totale energievraag voor ruimteverwarming en koeling moet beperkt blijven tot 15 kWh/m² geklimatiseerde vloeroppervlakte. Voor een hogere breedtegraad dan 60° kan het noodzakelijk zijn de cijfers aan te passen om deze ambitieuze doch realistische oplossing te behalen.

Poolstation princess ElisabethHet Belgische poolstation Princess Elisabeth, een wetenschappelijk basis op Antarctica, bewijst in ieder geval de haalbaarheid van het passiefhuisconcept in extreme condities. In combinatie met het gebruik van milieuvriendelijke bouwmaterialen, een schoon en efficiënt gebruik van de energie, een optimaal energieverbruik en de allerbeste technieken voor afvalbeheer, wordt de ecologische voetafdruk van het gebouw tot een minimum herleid.

In Dubai wordt het passiefhuisconcept dan weer in totaal tegenovergestelde condities getest. Daar is men overgegaan tot de bouw van een passiefhuis in de woestijn. Het project zal moeten uitwijzen of er ook zonder conventionele air-conditioning voldoende kan worden gekoeld.


Kan je vanaf een bestaand huis een passiefhuis maken?

Bij passiefhuizen zijn koudebruggen (thermische lekken zoals bij een muur die zonder thermische onderbreking op een fundering aansluit) helemaal uit den boze. Bij een bestaande woning zijn die koudebruggen bijna altijd aanwezig en vaak moeilijk weg te werken. In het geval van de muur die zonder thermische onderbreking op een fundering geplaatst werd, zou dit bvb. betekenen dat je deze muur onderkapt en alsnog voorziet van een thermische onderbreking. Vaak kan dat wel, maar betekent het een arbeidsintensieve klus en wordt het relatief duur. Bij een bestaande rijwoning of halfopen bebouwing moet je bovendien de koudebruggen naar de buur wegwerken, wat zeer moeilijk is.

Vaak betekent het dat niet alle koudebruggen van het bestaand gebouw weggewerkt kunnen worden. Het gerenoveerde gebouw zal door forse isolatie, goed schrijnwerk, goeie luchtdichtheid en ventilatie met warmterecuperatie een drastisch lagere warmtebehoefte hebben, maar zal nét niet zonder verwarmingsinstallatie kunnen, waardoor de extra investering voor verwarming alsnog dient gemaakt te worden. Daardoor is het voorlopig puur economisch bekeken meestal minder interessant om een bestaande woning op te waarderen tot een passiefhuis, en wordt eerder gekozen om naar de lage-energiestandaard te werken. Naar comfort en ecologie zijn er uiteraard wél redenen om alsnog de passiefhuisnorm na te streven. Er zijn overigens genoeg voorbeelden van dergelijke 'retrofittings'.

Passiefhuis-Platform engageert zich om de kennis omtrent energiebesparende renovatiepraktijken toegankelijk te maken voor derden. We coördineren sedert 2007 het wetenschappelijk project 'Low Energy Housing Retrofit' (LEHR). PHP zal projectfiches ontwikkelen van renovatieprojecten die passiefhuistechnologie bij renovatie gebruiken. Onze onderzoekspartners zullen deze informatie verwerken in hun einddocumenten. Zo zal UCL een handleiding energiezuinig renoveren opstellen voor architecten en WTCB zal een webapplicatie ontwikkelen die technische beschrijvingen voorziet voor energiezuinig renoveren.

In het kader van dit onderzoeksproject werken de onderzoeksteams samen met een internationale werkgroep van de International Energy Agency (IEA SHC Task 37). Deze werkgroep bracht onlangs enkele video's online van voorbeeldprojecten die energiezuinig renoveren hoog in hun vaandel voeren. De door Noorwegen gefinancieerde films zijn nu beschikbaar op de website: www.lavenergiboliger.tv De volgende films zijn beschikbaar in het Engels en in het Duits:

• Why low energy? (4 minutes)
• Low-rise flats, Nuremberg (17 minutes)
• Housing cooperatives for passive housing, Sweden (16 minutes)
• Municipal assistance, Norway (12 minutes)


Kan men het principe van passiefhuizen toepassen op eender welk type gebouw?

Het passiefhuisconcept is al toegepast op verschillende typen woningen: rijwoningen zowel als vrijstaande huizen, en dat zowel in houtskelet- als in massiefbouw. Ondertussen bleven de realisaties niet beperkt tot woningen, maar werden er ook flatgebouwen, kantoren, scholen, bejaardentehuizen, fabrieken, supermarkten, ... volgens dit principe opgetrokken en zitten er nog veel meer projecten in de pijp. Er is zelfs een passiefboot en een wetenschappelijke basis op Antarctica in passiefhuisstandaard!

Er bestaan natuurlijk gebouwtypes waarbij het passiefhuis-principe nog niet werd toegepast. Denk hierbij maar aan een stadion, een theater, een historisch monument, ... Maar wat niet is, kan uiteraard nog komen. De grootste praktische problemen hebben eerder te maken met renovatie van een beschermde gevel, stedenbouwkundige beperkingen, ... en minder met de technische uitvoerbaarheid. Deze gebouwen vormen dus eerder een uitdaging dan een beperking van het principe. En men moet daarbij altijd in het achterhoofd houden dat, zelfs als de passiefstandaard niet gehaald wordt, er op z'n minst een lage-energie gebouw gerealiseerd wordt.

Enkele voorbeelden van passieve tertiaire gebouwen:

   
Passiefkantoor Havenbedrijf, Gent, België. (Evr-Architecten)

 

Passieve bouwwijk met 150 woningen en handelszaken. Sophienhof, Frankfurt am Main, Duitsland. (Faag Technik GmbH)

   
Passieve supermarkt. Kirchberg-Thening, Oostenrijk. (Poppe-Prehal Architekten)

   
Passiefschool De Zande, Beernem, België. (BURO II)

  
Passieve Sportzaal, Königsbach-Stein, Duitsland. (Morlock-architekten)


Zijn passieve huizen de toekomst?

Meer en meer zullen er in België net zoals in de rest van Europa energieprestatieeisen opgelegd worden. De Europese Commissie heeft al een aantal richtlijnen (o.a. de Energy Performance Directive) uitgevaardigd waaraan de lidstaten zullen moeten voldoen. Deze verplichten bvb. een betere isolatie van gebouwen, zowel in de nieuwbouw als bij renovaties.

Dergelijke verplichtingen hebben tot gevolg dat er energiezuiniger gebouwd zal worden. Op dit moment scoort België bvb. qua isolatiegewoontes zeer slecht en is daarmee zelfs de slechtste leerling van Europa. Zelfs landen als Spanje, Portugal, Griekenland en Turkije doen nog beter. In de komende jaren mag je onder impuls van deze Europese regels dan ook een inhaalbeweging verwachten.

De kloof tussen het standaard-gebouw en het gebouw in passiefhuis-standaard zal veel kleiner worden. Daardoor zullen bouwheren veel sneller geneigd zijn in passiefhuis-standaard te bouwen.

Momenteel zien we hoe dit toekomstbeeld meer en meer in vervulling gaat. Bij de totstandbrenging van de eerste Belgische demonstratieprojecten enkele jaren geleden  werden de passiefhuizen gevraagd door overtuigde cliënten, ontworpen door architecten met ervaring in de lage energiebouw, en gebouwd door aannemers met een gevoel voor werken in bouwteams.

Tegenwoordig is in België, net als in andere Europese landen, de vraag naar passiefhuizen exponentieel gegroeid. De voortdurende netwerking, het invoeren van financiële stimuli, naast de stijgende energieprijzen en de klimaatproblematiek, heeft een mentaliteitswijziging teweeg gebracht. Tegenwoordig baseren bouwheren hun besluiten meer en meer op een economische logica, en kijken ze naar de beschikbare premies, belastingsverminderingen en terugverdientermijnen. Architecten en aannemers worden steeds vaker geconfronteerd met passief en energiezuinig bouwen en beseffen dat ze hun kennis moeten bijschaven.

Daarnaast zien we ook het passiefhuisconcept verruimen van individuele woningen naar grotere projecten en andere type-gebouwen. Zo worden in Vlaanderen binnenkort 25 passiefscholen gebouwd. Ontstaan er passiefkantoren, een passiefhuisstraat en zelfs een hele passieve woonwijk.

De toekomst van het passiefhuisconcept ziet er dus niet slecht uit.  In enkele landen is het nu reeds een standaard en in de toekomst verwachten we dat passiefhuizen een Europese norm zal zijn. Logisch ook, gezien de economische meerwaarde, het hoge comfort en zeer lage energiegebruik van dergelijke gebouwen.


Kan ik ergens ervaren hoe het is om in een passiefhuis te wonen?

Jawel, dat kan.

In België kan je terecht te www.bioename.be voor een 'cursus' wonen en koken in een passiefhuis. Te Gent wordt in de zomer van 2009 ook een Bed & Breakfast geopend in een passiefhuis. Andere gelijkaardige projecten zitten momenteel in de pijplijn.

Passiefhuis-Platform organiseert ook passiefhuisbezoeken. Wil je op de hoogte blijven van deze activiteiten? Schrijf je dan nu in voor onze nieuwsbrief.

Voor proefwonen in een passiefhuis in Duitsland kan men contact opnemen met:

  • Herbert Bee, Passiv21 GmbH, Bahnhofstrasse, 54411 Hermeskeil, tel: +49 6503 99 48 20
  • Matthias van Oesen, Stadtwerke Hannover, Ihmeplatz 2, 30449 Hannover, tel: +49 511 430 33 20, matthias.vonoesen@enercity.de 
  • Initiative Faktor Vier Regio Nord, Kieler Str. 90, D-24340 Eckernförde, tel: +49 (0) 43517269-80, fax: +49 (0) 43517269-78, passivhaus-heck@t-online.de

In Tsjechië kan je terrecht in het Educational Centre in Hostetin, om het passiefhuisconcept te bestuderen en te ervaren. Er worden ook lezingen gegeven en je kan er verblijven. Klik hier voor meer info of mail Yvonna Gailly (yvonna.gailly@veronica.cz) of Jana Tesarova (jana.tesarova@veronica.cz)


Hoe weet ik of ik een goed ontwerp heb van een passiefhuis?

De kwaliteit van het ontwerp van een passiefhuis kan worden beoordeeld aan de hand van een volledige doorrekening van het project via het rekenpakket PHPP 2007. Een blower-door test is tevens een noodzaak.

In sommige gevallen kan het zinvol zijn om het project te certificeren. Deze passiefhuis-kwaliteitsverklaring houdt in dat de door het ontwerpteam uitgevoerde berekening en blower-door test wordt gecheckt door PHP.


Wat is een bouwteam?

Een bouwteam is een multidisciplinaire ontwerpgroep die vanaf het begin van het ontwerp tot na de oplevering samen alle gebouwcomponenten en systemen optimaliseren. Het team bestaat uit de bouwheer, architecten, aannemers en voor grotere gebouwen ook kwaliteitsbewakers, energiedeskundigen en installateurs.

De samenwerking in een bouwteam leidt tot gebouwen met een sterk gereduceerde energiebehoefte en een hoger comfort voor de gebouwgebruikers, en veelal tot kostenreductie voor de uitvoering van het gebouw. Het ontwerp duurt normaal iets langer maar de constructietijd kan drastisch verkort worden omdat alle participanten hetzelfde doel voor ogen hebbben. De terugverdientijd van dergelijke gebouwen varieert van 0 tot 7 jaar (inclusief meerinvestering ontwerp). De grootste kostenbesparingen komen in de tertiaire sector bijvoorbeeld vaak van de koellastreductie.

Naast de grote impact van een dergelijke werkwijze op het energiegebruik, zijn er ook een aantal bijkomende voordelen:

- Verhoogd comfort/ verhoogde productiviteit van de gebouwgebruikers wat resulteert in een hoge toegevoegde waarde met een op termijn verwaarloosbare investering;

- De aanwezigheid van energiedeskundigen in het bouwteam heeft het bijkomende voordeel dat ten alle tijde de geïnstalleerde vermogens voor verwarming, verlichting, koeling, ... gecontroleerd worden. Naast het ontwerp en de dimensionering heeft deze deskundige als taak het energie- en comfortconcept gedurende het hele traject te bewaken.

- De integratie van verschillende innovatieve technieken is zeer goed mogelijk met een bouwteam.  Door het bespreken en uitkienen van innovatieve technieken (bijvoorbeeld gebouwbeheersysteem, intelligente zonwering, verlichting en nachtventilatie, hoog rendement toepassingen, vraagsturing op ventilatie,..) worden de fabrikanten van dergelijke systemen gestimuleerd om verder op zoek te gaan naar energiezuinige oplossingen. Dit komt de werkgelegenheid ten goede.


Welke risico's loopt de zelfbouwer indien de uitvoering van de werken niet perfect gebeurt?

Om een juiste plaatsing en uitvoering te verzekeren is het beter samen te werken in een bouwteam (architect, aannemer, bouwheer) en zich te houden aan vaste criteria, zoals psi en U-waardes.

We raden graag bouwsystemen en gecertificeerde passiefhuistechnologie aan waarvan de kwaliteit kan verzekerd worden in de fabriek. Ook een foutloze plaatsing is van vitaal belang. Bij oncorrecte uitvoering bestaat namelijk het risico op condensatie en/of discomfort.


Wat is PHPP?

De basis van een zeer energiezuinig gebouw begint in de ontwerpfase. Een degelijke kennis van energiebehoefte, warmteverliezen, ventilatiedimensionering,... is dus een absolute vereiste voor het waarborgen van een kwalitatief passiefhuisontwerp.

Niettegenstaande een gebouwsimulatie ter verificatie een belangrijk hulpmiddel kan zijn, blijft een kostenefficiënte inzetbaarheid van simulaties momenteel beperkt tot gebouwen van een zekere omvang. Wie de kwaliteit zoekt van een simulatie, maar kiest voor een meer eenvoudige berekening, kan zich beroepen op statische berekeningen die gebruik maken van randvoorwaarden afgeleid uit dynamische simulaties. Het rekenpakket PHPP (PassiefHuis ProjecteringsPakket) is zo’n pakket dat toelaat om resultaten van basissimulaties te integreren.

Dit ontwerptool is speciaal ontwikkeld om reeds in de ontwerpfase een idee te krijgen van de energiezuinigheid van het gebouw. Oorspronkelijk ontwikkeld in Duitsland waar het reeds vele jaren fungeert als hét ontwerpinstrument van de Duitse passiefhuisprojecten, heeft het rekenpakket zich reeds duizenden malen bewezen, en is het grondig getest en gecontroleerd. Meer dan 10.000 passieve gebouwen zijn op deze wijze reeds berekend. In het bijzonder heeft het Europese CEPHEUS-project uitgewezen dat de voor de PHPP ontwikkelde rekenprocedures voor het berekenen van de warmtebehoefte, in vergelijking met klassieke rekenmethodes, een beter aanvaardbare voorspelling geven van de praktijk.

De PHPP-berekening is gebaseerd op Europese normen en legt een karakteristiek energiekengetal vast voor elk uniek gebouw. PHPP is een MS Excel rekenblad waar men op een eenvoudige en overzichtelijke wijze alle gebouw- en installatieparameters kan inbrengen, en zo hun effect op het eindverbruik kan evalueren. Keuzes en parameters kunnen dus reeds tijdens het ontwerpproces worden geëvalueerd. Zo ontstaat een maximale synergie tussen architectuur en energiezuinigheid.

PHP geeft ook cursussen PHPP. Het seminarie is hierbij opgevat als een hands-on training. Als deelnemer zal u zélf, aan de hand van een voorbeeldwoning, alle stappen van het berekeningsproces uitvoeren. Voor alle praktische info over deze seminaries, klik hier.


Kan ik in een passiefhuis een kachel of een open haard installeren?

Het doorgedreven thermisch isoleren van een passiefhuis impliceert een lagere warmtebehoefte. Voor passiefhuizen mag het geïnstalleerd vermogen de 10 W per m² nuttige gebruiksoppervlakte (warmtelast) niet overstijgen. Met een conventionele kachel in huis zal het dus gauw te warm worden.

Een normaal geïsoleerde woning K55, zal bij berekening volgens de NBN B 62-003 makkelijk zo'n 20 à 35kW piekvermogen voor verwarming vereisen tijdens de koudste dagen van het jaar. Laag-energie-woningen stellen het meestal met zo'n 10kW; terwijl passiefhuizen amper 1 à 2kW vereisen. Wanneer U in laag-energie-woning of passiefhuis een kachel of open haard gaat installeren, dan zal het normaliter veel te warm worden binnenshuis. De meeste kachels produceren 8kW of meer; terwijl uw woonkamer bij een laag-energie-woning nauwelijks 3kW behoeft om het binnenskamer 20°C warm te krijgen bij een buitentemperatuur van -10°C.

Open haarden zijn thermische gezien uit den boze, gezien er over het jaar heen meer energie door de schouw verloren gaat dan er eigenlijk door de haard wordt opgewekt. Open haarden zijn een negatieve energieleverancier; zelfs met afsluitklep. Bovendien blijkt de luchtdichtheidseis van laag-energie-woningen en passiefhuizen niet te verzoenen met dergelijke schouwen.

Een mogelijk alternatief is een pelletkachel, waarbij dan het grootste deel van de warmte aan uw sanitairwarmwaterboiler wordt geschonken, terwijl U toch van de romantische vlam blijft genieten.


Wat zijn passieve warmtewinsten?

Een passieve warmtewinst is de warmte die in een binnenruimte 'gratis' binnenkomt en dus niet via een verwarmingssysteem wordt gegenereerd. De warmte die zonnestralen of mensen afgeven, is bijvoorbeeld passieve warmewinst. Maar ook de warmte die elektrische apparaten zoals gloeilampen of computers afgeven, is passieve warmtewinst, omdat het niet de functie van een lamp of computer is om warmte af te geven. De warmte die vrijkomt is een 'gratis' secundair effect.


Vragen ivm isolatie


Waarom moet ik mijn huis isoleren?

Doorgedreven isolatie is een van basispijlers van het passiefhuisconcept. Door  het aanbrengen van thermische isolatie in de muren, de vloeren en het dak wil men warmteverlies tegengaan. Zonder isolatie zou al de warmte in je huis simpelweg verloren gaan door alle koudebruggen in de constructie. De warmte gaat dan bijna letterlijk ‘in rook op’.  Om de temperatuur binnenskamers constant te houden, zou er dan continu actief warmte moeten worden toegevoegd. Dat komt neer op pure verspilling van warmte, en dus energie.

Vergelijk het met een warme kan koffie. Zet je die ’s winters buiten, in de koude, dan zal die koffie heel snel afkoelen. Hij verliest met andere woorden al zijn warmte. Om je koffie warm te houden, heb je twee mogelijkheden. Ofwel ga je de koffie actief verwarmen door hem bijvoorbeeld op een verwarmingsplaat te zetten. Ofwel giet je die koffie in een thermosfles waardoor die koffie op een passieve manier zijn warmte zal behouden.

Het produceren van energie kost handenvol geld en is vaak belastend voor het milieu. Waarom zoeken we dan geen manieren om bewuster met onze energie om te gaan, en te stoppen met de verspilling? Met de klimaatproblematiek en het energievraagstuk in het achterhoofd, is isoleren dus een eenvoudige én efficiënte oplossing.


Wat is een koudebrug?

De isolatieschil rond je gebouw moet één geheel vormen en mag nergens onderbroken worden. Indien dat wel ergens het geval is, spreken we van een koudebrug. Het is dus een zwakke schakel in de thermische isolatie, waar rechtstreeks contact mogelijk is tussen binnen- en buitenlucht. De warmte zal via deze koudebruggen verloren gaan. Koudebruggen brengen verschillende problemen met zich mee:

- Niet alleen gaat de warmte verloren, ook de koude lucht komt binnen via de koudebruggen. Dit zorgt niet alleen voor hoger energieverbruik – de koude lucht moet gecompenseerd worden – maar bijvoorbeeld ook voor koudestraling, wat een gevoelige vermindering van het comfort met zich meebrengt.

- Vochtige lucht slaat neer op deze koudebruggen, waardoor daar condensatie ontstaat. Dat brengt problemen als schimmel en geurhinder met zich mee.

In oudere gebouwen zijn het aantal koudebruggen haast niet te tellen, maar ook in de huidige nieuwbouw treed dit probleem nog vaak op. Het kan hierbij gaan om fouten in het ontwerp, maar evengoed om fouten in de afwerking. Een nauwkeurig ontwerp en een perfecte afwerking zijn dus essentieel.

Koudebruggen kunnen achteraf nog steeds gedetecteerd worden met behulp van een thermografische- of infrarood inspectie. Met een camera wordt dan de oppervlaktetemperatuur gemeten. Plaatsen waar zich een koudebrug bevindt, zullen bij een meting een lagere temperatuur (en dus andere kleur) aangeven. Koudebruggen zijn moeilijk weg te werken. Men kan ze dus beter voorkomen, dan genezen. Bij een passiefhuis moet er dan ook extra veel aandacht en zorg worden besteed aan het koudebrugvrij bouwen.

  

Koudebruggen zijn in een passiefhuis niet toegestaan. De bewijsvoering van de afwezigheid van koudebruggen dient te gebeuren door de architect aan de hand van een dossier 'as-built’ dat details op schaal 1/10 bevat van alle aansluitingen van bouwdelen, zowel voor de verbinding van wanden met daken, vloeren en fundering als voor de verbinding van alle types schrijnwerk (boven, onder en zijdelings).

PHP organiseert ook cursussen koudebrug berekeningen. Daarbij wordt vertrokken vanuit een praktische aanpak. Het evalueren van oplossingen voor koudebruggen maakt immers integraal deel uit van het ontwerpproces. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van Therm 5.1, een gratis softwarepakket, ontwikkeld aan UC Berkeley, dat stationair 2D constructieknooppunten kan doorrekenen naar warmteverlies. Voor meer praktische info over deze seminaries, kijk in onze evenementenkalender.


Wat is een K-waarde? Wat is het K-peil van een passiefhuis?

De K-waarde is de globale isolatiewaarde van een gebouw. Hoe lager de waarde, hoe beter een gebouw is geïsoleerd, en hoe minder warmte er via de gebouwschil ontsnapt. De K-waarde wordt berekend aan de hand van de verschillende U-waardes van de verschillende onderdelen van het gebouw (muren, vensters, buitenschrijnwerk, dak, ...). De compactheid en de afmetingen van het gebouw spelen eveneens een rol bij het bepalen van de K-waarde. Hoe compacter, hoe kleiner de K-waarde.

Meer technisch kunnen we stellen dat het peil van globale warmte-isolatie K van een gebouw wordt bepaald aan de hand de norm NBN B 62-301 in functie van de globale warmtedoorgangscoëfficiënt ks en een vormfactor van het gebouw. De vormfactor V/S is de verhouding tussen het volume van het gebouw en zijn warmteverliesoppervlak. Bij een bepaald K-peil, berekend volgens de norm, gaat er bij een temperatuurverschil van 1°C per m³ volume eenzelfde hoeveelheid energie verloren door transmissie. Het peil van de globale warmte-isolatie K bekomt men door de verhouding tussen de globale doorgangscoëfficiënt (kS) en de waarde ks van een toetspeil K100 overeenkomstig de V/S, uitgedrukt in % (vermenigvuldigen met 100).

Waar de wettelijke norm voor nieuwbouw sinds kort op K45 ligt, blijkt het K-peil van passiefhuizen in de praktijk te variëren van K10 tot K20. Uit de praktijkvoorbeelden van passiefhuizen blijkt echter dat, bij uitstekende isolatie van de wanden, een correctie door middel van een vormfactor, en een referentie ten opzichte van een K100-peil, de K-waarde een overbodige en soms misleidende evaluatie vormt. Daarbij komt dat de K-peil berekening wegens de moeilijke controle, een bron van hindernis blijkt tijdens evaluaties achteraf door lokale overheden. Daarom worden passiefhuizen enkel beoordeeld aan de hand van het - eenvoudig te verifiëren - reëel geïnstalleerd vermogen aan verwarming, dat niet meer mag bedragen dan 10 W per m² nuttige gebruiksoppervlakte (warmtelast) of 15 kWh/m² per jaar (warmtevraag), terwijl het comfort dient te zijn gewaarborgd. Analoog kunnen lage energiewoningen worden beoordeeld aan de hand van een maximumcriterium van 60 kWh/m² per jaar.


Wat is de U-waarde/k-waarde? Wat zijn de gebruikelijke isolatiewaarden voor passiefhuizen?

De U-waarde is de nieuwe Europese benaming van de vroegere k-waarde (niet te verwarren met de K-waarde). Het verwijst naar de warmtetransmissiecoëfficiënt van een bepaald onderdeel van een gebouw. Het geeft het warmteverlies aan dat per m², per uur en per temperatuurverschil van 1° Celsius tussen binnen- en buitenmuur overgaat van de lucht in een binnenruimte naar de buitenlucht. Hoe lager de U-waarde (uitgedrukt in W/m2K), hoe beter de isolerende werking van het constructieonderdeel. De U-waarde van milieu tot milieu is het omgekeerde van de totale warmteweerstand Rt.

De U-waarden en het K-peil zijn een maat voor stationair warmteverlies. Passiefhuizen en lage energiegebouwen vertonen evenwel typisch dynamische effecten die, op straffe van overdimensionering en verkwisting van energie, in rekening dienen te worden gebracht bij de berekening van de warmtebehoefte en het te installeren vermogen aan verwarming. Op basis van dynamische ijksimulaties heeft PHP kunnen bepalen dat het zinvol is om prestatie-eisen vast te leggen voor de U-waarden van bouwdelen, waardoor meteen ook een goed K-peil wordt gegarandeerd.

Voor niet-transparante bouwdelen zoals vloeren, muren en daken moet gelden dat U < 0,15 W/m²K.

Voor transparante bouwdelen en schrijnwerk gelden andere prestatie-eisen. Deze prestatie-eisen worden opgelegd voor zowel beglazing als schrijnwerk, om mogelijke condensatieproblemen te vermijden.

- U-waarde van buitenschrijnwerk (frame): Uf < 0,8 W/m2K
- U-waarde van beglazing (glass): Ug < 0,8 W/m2K
- U-waarde van het gehele raam (window): Uw < 0,8 W/m2K

Uw architect kan de isolatiediktes berekenen aan de hand van de opgegeven U-waarden. De exacte diktes van isolatie hangen af van het type isolatiemateriaal, doch variëren voor gebruikelijke isolatiematerialen van 20 tot 40 cm. De vereiste U-waarde van het glas vereist drievoudig glas of gelijkwaardig. Speciaal isolerend schrijnwerk is vereist om condensatie op het schrijnwerk te vermijden.


Wat is een psi-waarde?

Ter bepaling van de warmtetransmissie door wanden maakt men in de praktijk gebruik van een genormaliseerde ééndimensionale rekenmethode a.d.h.v. de zogenaamde U-waarden (de vroegere k-waarde).

Nu ja,... een bouwwerk is meer dan een verzameling van wat wanden. Door:
- het meestal vrij complex samengaan van verschillende materialen met verschillende warmtegeleidingseigenschappen ter plaatse van aansluitingen en knooppunten in constructies
- de complexe geometrische vormgeving van sommige constructies
blijkt dat het bijkomende warmteverlies ter plaatse van koudebruggen niet zomaar kan in rekening gebracht op basis van dergelijke eenvoudige ééndimensionale berekening.

Het extra warmteverlies wordt bepaald als een toeslag die men moet aanrekenen op de rekenresultaten bekomen op de ééndimensionale berekening van het warmteverlies. Deze toeslag aan warmtetransport per eenheidslengte koudebrug bij een temperatuurverschil binnenbuiten van 1°C, betreft de psi-waarde.

De psi-waarde betreft dus eigenlijk een "knooppuntkarakteristiek" en kan geenszins gelijk worden gesteld met de lambda-waarde van een welbepaald product. De psi-waarde is constructie gebonden en kan niet zomaar uit tabellen worden gehaald, doch dient door geëigende software berekend.


Wat is een lambda-waarde?

De lambda-waarde is de isolatiewaarde van een bepaald materiaal. Het geeft aan in welke mate het materiaal warmte geleidt. Hoe lager deze waarde, hoe beter het materiaal isoleert.

Is het mogelijk om in plaats van drievoudige beglazing een dubbel raam te voorzien, met telkens dubbel glas? Wat is de invloed hiervan op het prijskaartje?

Ja, dat bestaat op de markt. Er zijn dan twee afzonderlijke ramen met elk dubbel glas. Dit geeft echter geen prijsvoordeel aangezien dubbel zoveel raamkaders voorzien moeten worden.


Vragen ivm ventilatie

 

PHP werkte, met de steun van IWT, een installatiewijzer uit voor mechanische balansventilatiesystemen met warmteterugwinning. Deze website is voor iedereen toegankelijk via www.beterventileren.be.


Wat is balansventilatie?

Een passiefhuis wordt uitgerust met balansventilatie. Het systeem is gebaseerd op het creëren van een evenwicht tussen aan- en afvoer van lucht in de woning. Via elektrische ventilatoren wordt vervuilde binnenlucht afgevoerd uit natte plaatsen (badkamer, keuken, wc), terwijl verse buitenlucht wordt aangevoerd in de droge ruimtes (leefruimte, slaap- en studeerkamers). Het systeem wordt meestal uitgerust met een warmterecuperatieapparaat. De warmte van de afvoerlucht wordt zo overgdragen op de verse aanvoerlucht. Zo wordt tot 90% van de warmte die zich in de vervuilde lucht bevindt, gerecupereerd en terug in de woning gebracht.

Tijdens de winter kan een passiefhuis verwarmd worden door de ventilatielucht, aangevuld door een naverwarmingssysteem voor de koudste dagen van het jaar. Tijdens de zomer wordt via een bypass de warmteterugwinning omzeild. Zo wordt de verse lucht niet langer opgewarmd.

Ventilatie garandeert een voldoende luchttoevoer voor gebruikers en verbrandingstoestellen, houdt de binnenluchtkwaliteit op peil en verlaagt de kans op condensatie of schimmelvorming.  

Voor meer info, zie: www.beterventileren.be


Wat versta ik onder een goede ventilatiestrategie vanuit energetisch oogpunt?

Ventilatie garandeert een voldoende luchttoevoer voor gebruikers en verbrandingstoestellen, houdt de binnenluchtkwaliteit op peil en verlaagt de kans op condensatie of schimmelvorming.

Anderzijds kan ventilatie ook een belangrijk energieverbruik inhouden. Dit niet enkel voor de mogelijke aandrijving van ventilatoren maar vooral voor de opwarming of conditionering van de vers aangevoerde lucht. Om dit energieverlies te beperken is een doordachte strategie opportuun:
stap 1 verontreiniging aan de bron aanpakken
stap 2 luchtdicht bouwen
stap 3 gecontroleerd ventileren


Is het mogelijk om de mechanische ventilatie in de zomer en gedurende het tussenseizoen te vervangen door een natuurlijk systeem?

Tijdens de zomermaanden is geen warmterecuperatie nodig en kan een by-pass ingeschakeld worden om de woning te voorzien van voldoende verse, frisse lucht. De lucht kan eventueel zelfs gekoeld worden door een systeem van grondbuizen.

Aan de andere kant kan men zich afvragen of de mechanische ventilatie niet in z'n geheel kan stilgelegd worden in de zomer. In dat geval moet men manueel natuurlijke ventilatie voorzien. Hierbij moet wel gelet worden dat alle delen van de woning voldoende geventileerd worden. Werd het ventilatiesysteem gekoppeld aan een grondbuis, dan is het verder van belang dat de lucht in de grondbuis niet over een langere periode stilstaat. Dan zou immers het condensatievocht onvoldoende afgevoerd kunnen worden, wat hygiënische problemen kan veroorzaken. Dergelijke grondbuis moet tevens altijd in helling staan om condensaatvocht te kunnen afvoeren.


Wat is een grondbuis of bodem-lucht-warmtewisselaar ?

Een bodem-lucht-warmtewisselaar of grondbuis bewerkstelligt een voorverwarming van de, verder mechanisch verdeelde, ventilatielucht in de winter en voorkoeling in de zomer. Grondbuizen worden meestal aangesloten op de warmtewisselaar van de balansventilatie-unit waar de warmte uit de afvoerlucht van het gebouw wordt overgedragen op de verse toevoerlucht.
Gezien een goede grondbuis de inblaastemperatuur van de ventilatielucht tot zo’n 10°C kan voorverwarmen bestaat geen risico meer op vervriezen van de warmtewisselaar in wintersituatie. Er zijn dus geen ingewikkelde en/of extra energieverslindende ontdooiprocessen meer nodig. Het beste is de warmtewisselaar van de balansventilatie in de zomer kort te sluiten d.m.v. een zogenaamde by-pass om te vermijden dat de toevoerlucht haar koelte zou verliezen.
Bij grotere projecten kunnen de ventilatiesturing en zo ook de grondbuis eventueel worden geautomatiseerd d.m.v. een intelligent gebouwbeheerssysteem.

Aan de ingang van de grondbuis wordt best een filter voorzien. De uitvoering gebeurt meestal door middel van gekoppelde rioleringsbuizen. Flexibele buizen op rol in één stuk hebben dan weer het voordeel dat ze geen koppelingen behoeven die mogelijks grondwater kunnen doorlekken. De buis zelf moet in helling worden aangelegd om condensaatvocht te kunnen afvoeren.

Grondbuizen kosten aan materiaal niet zo veel, doch vereisen toch wat manuren voor de graafwerken e.d. Vaak kan een grondbuis niet integraal worden afgeschreven op de vermeden energiekosten in wintersituatie door het minder moeten verwarmen van de vers aangevoerde lucht. In de zomer is de comfortwinst onmiskenbaar een kwaliteitsvolle meerwaarde. Als hierdoor een airco kan worden vermeden zijn de mindere investeringskost en maandelijkse facturen aanzienlijk, zo ook de milieuwinst.

Het rendement van grondbuizen is afhankelijk van diverse factoren zoals: materiaalkeuze, lengte, diameter, verloop, diepte,… maar ook bodemsoort, grondwaterstand en vochtgehalte,… Het PHPP rekenpakket laat zich voor wat betreft de inschatting van het temperatuurrendement en de dimensionering van grondbuizen aanvullen door de gratis van www.passiv.de te plukken “PH_LUFT10” hulp. Betreffende is weliswaar nog niet in het Nederlands vertaald, noch van de specifiek Belgische klimaatgegevens voorzien, doch schenkt een duidelijk beeld van de diverse parameters. In praktijk dient de ontwerper op zoek naar een evenwicht tussen een hoog temperatuursrendement en een zo laag mogelijke drukval over de grond-lucht-warmtewisselaar. Hoe hoger de drukval, hoe minder de ventilator immers nog aan debiet kan leveren.

Het blijft evenwel belangrijk te zeggen dat grondbuizen pas hun doeltreffendheid behalen binnen een totaalconcept. Het hoeft eigenlijk geen betoog te stellen dat grondbuizen zinloos zijn als ze zouden worden beschouwd als een nieuw soort eco-gadget zonder daarbij de oorzaken aan de bron aan te pakken. Tijdens het stookseizoen mag het gebouw zo weinig mogelijk warmte verliezen, doch liefst zo veel mogelijk natuurlijke warmte winnen. In de zomer dient de koellast beperkt. Dit betekent dus een integraal ontwerp qua isolatiegraad, luchtdichtheid, zonnewering,…

Meer info vindt u op onze technische installatiewijzer www.beterventileren.be


Kan ik in een passiefhuis een raam openzetten?

Ja, in een passiefhuis mag je je raam zeker en vast openzetten. Maar het moet helemaal niet!

- je zal in de eerste plaats minder behoefte hebben om een raam open te zetten. De balansventilatie zorgt voor verse lucht zonder die vervelende koudestroom die je voelt bij een openstaand raam. Tevens worden vocht en geurtjes continu afgevoerd.

- het is wel niet aan te bevelen om ondoordacht een raam open te laten. Wie logisch nadenkt weet ook dat als je je raam een hele dag laat openstaan terwijl het buiten vriest, het binnen sterk zal afkoelen. In een niet-passiefhuis kan je dit compenseren door veel te verwarmen (met dito energieverbruik en hoge luchttemperatuur als nadelen), bij een passiefhuis zal het in extreme condities na enkele dagen met een open raam erg lang kunnen duren om het huis terug op een comforttemperatuur te brengen.

- Wanneer men anderzijds in de zomer beslist de mechanische ventilatie stil te leggen, moet je zelfs regelmatig je raam openzetten. Anders is er geen ventilatie meer in je huis.


Vragen ivm luchtdicht bouwen


Waarom luchtdicht bouwen?

Als we isolatie zien als een warme, wollen trui, dan is luchtdichtheid een windjack die de woning beschermt tegen koude wind en tocht. Een goede luchtdichtheid is essentieel voor een efficiënte en rationele ventilatiehuishouding. Gedreven door drukverschillen tussen de binnen- en buitenomgeving kunnen ongecontroleerde luchtlekken via kieren en spleten immers aanleiding geven tot de korstsluiting van ventilatiestromen, het verspreiden van geuren en verontreinigingen, overdreven energieverbruik en tocht.

In de winter kan via de naar de wind gekeerde zijde koude lucht het gebouw binnenstromen met tochtverschijnselen en koude vloeren tot gevolg, mogelijks zelfs de inwerking van schadelijke stoffen (vezels, stofdelen). Aan de van de wind afgekeerde lijzijde wordt vochtige warme binnenlucht dan weer naar buiten gezogen, waardoor een hogere verwarmingskost of in ergere gevallen condensatieproblemen. Bovendien kan vochtige lucht in de buurt van spleten condenseren en dat werkt schimmelvorming in de hand. In meergezinswoningen, kantoorgebouwen,… kan ook het minder luchtdicht zijn van binnenwanden hinder veroorzaken zoals mindere akoestische prestaties, makkelijkere brandoverslag…

Bij een passiefhuis wordt dus extra aandacht besteed aan de luchtdichting. De naden en overgangen met schrijnwerk, vloer en plafond worden luchtdicht gemaakt met kleefband of folies. Een goede vakman kan een gebouw gemakkelijk luchtdicht maken. De luchtdichtheid van het hele gebouw wordt getest met een pressurisatieproef. Door de woning in onder- of bovendruk te brengen, kan men de luchtverliezen berekenen bij een drukverschil van 50 Pa: de n50-waarde.


Hoe luchtdicht bouwen? Waar bevinden zich de meest voorkomende lekken?

Gebouwen zijn een samenstelling van diverse materialen en componenten waarbij dus ook meerdere randen, overlappingen of doorvoeren. Deze zijn niet steeds met de grootste zorg afgedicht. Om een goede luchtdichtheid van het gebouw te kunnen garanderen moet eigenlijk een doorlopende luchtdichtheidslaag worden gedefinieerd en geïmplementeerd. Typische zwakke plekken in de luchtdichtheid bij de reguliere bouw zijn: aansluitingen van buiten- met binnenwanden, daken of vloeren; het buitenschrijnwerk, de rolluiken en de aansluiting met de ruwbouw; allerhande doorgangen van riolerings- en ventilatiebuizen; elektriciteits-, sanitair- of verwarmingsleidingen; openingen naar ongeïsoleerde zolder, deuren naar onverwarmde kelders,… Luchtdicht bouwen is enkel mogelijk door middel van een zeer nauwkeurige afwerking met speciale producten door bekwame vakmannen.


Welke luchtdichtheidsgraad vraagt de Belgische normering?

De Belgische norm NBN D50-001 stipt luchtdicht bouwen aan als een wezenlijk onderdeel van een correcte ventilatiestrategie en de nakende energieprestatieregelgeving zou betreffende norm zelfs bekrachtigen als verplicht toepasbaar.

De NBN D 50-001 stelt evenwel geen specifieke eisen aan de luchtdichtheid van gebouwen, doch enkel richtlijnen inzake maximaal ventilatievoud bij een drukverschil 50Pa: bij mechanische ventilatie max 3 volumes/uur en bij warmterecuperatie: 1 volume/uur.
De vzw Passiefhuis-Platform stelt, in navolging van haar Duitse collega’s, een luchtdichtheidsgraad n50 van 0.6h-1. Voor de leek in het vak, vereist dit wellicht een woordje uitleg.


Hoe kan de luchtdichtheid van een gebouw worden gemeten?  Wat is een pressurisatieproef of blower-door-test?

De mate van luchtdichtheid van het gebouw, of m.a.w. de kwantitatieve beoordeling van de luchtdichtheidsgraad, wordt bepaald aan de hand van een pressurisatieproef.

Daarbij is de opzet relatief eenvoudig. In een deur in eerste instantie wordt tussen de binnen- en buitenomgeving een drukverschil gecreëerd, waarna dan vervolgens de hoeveelheid weglekkende lucht wordt gemeten. Voor het opbouwen van dit drukverschil wordt in de praktijk meestal gebruik gemaakt van een zogenaamde “blower-door”. Zoals de benaming van het toestel zelf aangeeft, wordt bij deze proef in een deur- of raamopening een ventilator geplaatst die het gebouw in onder- of overdruk plaatst. De ventilator met regelbare snelheid is ingebouwd in een aan de specifieke ruwbouwmaten aanpasbaar frame.

  

Door middel van een regressie-berekening van het gemeten drukverschil over de gebouwschil en het luchtdebiet, wordt dan het luchtdebiet voor een genormaliseerd drukverschil van 50Pa bepaald. De verhouding van het benodigde luchtdebiet om dit drukverschil te kunnen opbouwen tot het eigenlijke binnenvolume van het gebouw, geeft dan het ventilatievoud: de n50-waarde.


Vragen over het financiële aspect


Zijn passieve huizen duur? (in vergelijking met een traditioneel huis en een laag-energiehuis)

Als er gebruik wordt gemaakt van een integrale ontwerpaanpak dan hoeft een passiefhuis niet veel duurder te zijn dan een conventioneel gebouw.

Enerzijds heeft men qua investeringen een aantal extra kosten (meer isolatie, speciaal schrijnwerk en glas, luchtdichte uitvoering), maar ook vermeden investeringen (het budget van een verwarmingssysteem komt weer vrij). Eerlijk is eerlijk: netto zal er echter nog altijd een meerkost zijn. Anderzijds ligt de energiefactuur vier tot tien maal lager dan in een conventioneel gebouw.

Als we de meerinvestering en de besparing op de energiefactuur (tegen huidige energiekost) samentellen, en spreiden over een afbetalingstermijn van 20 à 30 jaar ligt de prijs van een passiefhuis doorgaans nog steeds zo'n 10 procent boven een klassiek (slecht geïsoleerd) gebouw.

De kostprijs hangt ook sterk af van de architecturale keuzes, de ervaring van de betrokken partijen, en ook een stukje van de prioriteiten die jullie stellen. Op de eerste plaats zal je architect hierop een antwoord kunnen bieden. Vandaag zien wij in de praktijk voor standaard vrijstaande woningen een meerprijs van ongeveer 25%, maar er zijn ook meerdere voorbeelden voorhanden waar de meerprijs heel wat minder was. Er zijn zelfs projecten die passief zijn en gecertificeerd, en die gebouwd zijn aan dezelfde prijs als een standaard woning, maar waar dan wel de hele architectuur in functie staat van de kostprijs, en er ook heel wat werk zelf is uitgevoerd door de bouwheer. De meerprijs van de eerste afgewerkte passiefhuizen in Vlaanderen blijft bijvoorbeeld vaak onder deze algemene tendens.

Onderzoeken wijzen daarnaast ook uit dat duurzame gebouwen een hoger rendement hebben dan niet-duurzame panden. Zo wijst men op forse toename van de vastgoedwaarde en de huurprijs per vierkante meter. Passiefhuizen moeten dan ook meer en meer als een solide investering worden gezien.

Daarnaast zijn er uiteraard nog een aantal 'externe kosten en baten' die bij deze vergelijking niet in rekening gebracht werden. Zo heeft het vermeden energieverbruik ook een maatschappelijke prijs, net zoals de vermeden CO2-uitstoot. En hoe breng je het verhoogd comfort in rekening? Een passiefhuis kent geen koude wanden (de zgn. 'koudestraling'), geen koude tocht, een correct ventilatiedebiet, geen door de hogetemperatuur verwarming verschroeide lucht. Deze hebben ook nog eens een mogelijk effect op de 'gezondheidsfactuur', want wat indien de net genoemde problemen oorzaak zijn van gezondheidsproblemen?

Tenslotte is het gebouw veelal van een hoge kwaliteit, wat zich ook vertaalt in de levensduur ervan. Denk maar aan de weggevallen condensatieproblematiek (de wanden zijn zo goed geïsoleerd dat condensatie niet meer optreedt). Dergelijke factoren worden niet in rekening gebracht aangezien ze moeilijker te kwantificeren zijn, maar hebben wel degelijk een belangrijk impact.


Voor welke subsidies en fiscale voordelen kom ik met een passiefhuis in aanmerking?

Met een passiefhuis maakt men aanspraak op premies of fiscale voordelen op federaal, gewestelijk en (soms) gemeentelijk niveau. Ook uw netbeheerder geeft premies. Een overzicht:

1. Federaal niveau

10x € 830*/jaar fiscale aftrek personenbelasting voor een passiefhuis

De belastingvermindering wordt verleend gedurende 10 opeenvolgende belastbare tijdperken vanaf het belastbaar tijdperk waarin is vastgesteld dat de woning een passiefwoning is. Die vaststelling blijkt uit het passiefhuiscertificaat, uitgereikt door Passiefhuis-Platform.

Meer info
Download hier het Koninklijk Besluit

10x € 1660*/jaar fiscale aftrek personenbelasting voor een nulenergiewoning

Een nulenergiewoning is een een woning die voldoet aan de voorwaarden van een passiefwoning en waarin de resterende energievraag voor ruimteverwarming en koeling volledig wordt gecompenseerd door ter plaatse opgewekte hernieuwbare energie (verdere details nog niet bekend op 11/1/2010).

Download hier het Koninklijk Besluit

Andere belastingvermindering en -krediet

De Federale Overheid biedt nog verschillende andere belastingsverminderingen en –kredieten aan die niet specifiek passiefhuis gerelateerd zijn, waaronder een fiscale aftrek voor lage energiewoning (≤30 kWh).

Meer info: zie brochure p. 8-12

(*) geïndexeerd bedrag inkomstenjaar 2010 / aanslagjaar 2011


2. Gewestelijk niveau

• Vlaams Gewest

40% vermindering onroerende voorheffing gedurende 10 jaar voor zeer lage energiewoningen/passiefhuizen (op basis van E-peil, ten hoogste E40) Meer info

Verder is er nog de Vlaamse dakisolatiepremie (meer info) en de Vlaamse renovatiepremie (meer info)

• Brussels Hoofdstedelijk Gewest

Passieve Nieuwbouw (certificatie vereist)
€ 100/m² tot max. 150 m²
€ 50/m² voor het gedeelte > 150 m²

Passieve Renovaties (certificatie vereist)
€ 150/m² tot max. 150 m²
€ 75/m² voor het gedeelte > 150 m²

Financiering van de eerste blowerdoortest

Verder zijn er nog premies voor lage (max. 60 kWh) tot zeer lage (≤30 kWh) energierenovaties, alsook premies voor verschillende andere energiebesparende maatregelen.

Meer info

• Waals Gewest

€ 6.500 voor een passieve ééngezinswoning
Meer info


3. Gemeentelijk niveau

Balen
€ 1.000 voor bouwen van passiefhuis (cf. subsidiereglement voor 2008)
Meer info

Beveren
€ 4000 tot € 8000 voor de bouw/verbouwing van een huis
€ 2000 tot € 4000 voor de bouw/verbouwing van een appartement
Voorwaarden:
- bouw van een huis of appartement max. E50 en K30
- verbouwing van een huis of appartement max. E70 en K45
Meer info

Hoeilaart
€ 2.000 voor het bouwen van een passiefhuis. Ook de kosten voor het bekomen van een Passiefhuis-certificaat worden terugbetaald.
Meer info

Mechelen
€ 2.500 voor een passieve ééngezinswoning (gecertificeerd passiefhuis)
Meer info: stedelijke dienst duurzame ontwikkeling of op www.mechelen.be

Poperinge
€ 2500 voor een passieve woning of appartementmet een energieprestatiepeil van maximaal E-30 en waarvan het isolatiepeil lager is dan K15
Meer info

Sint-Truiden
25 % van de bewezen kosten voor een passieve ééngezinswoning met een maximum van € 9.000 
25 % van de bewezen kosten voor een appartement, met een maximum van € 3.000 per appartement en € 9.000 per appartementsblok (min. 3 appartementen)

Turnhout
€ 6.000 voor bouwen of verbouwen tot passiefhuis (gecertificeerd passiefhuis)
€ 3.000 per appartement met maximaal 3 eenheden (max. € 9.000 per gebouw)
Download het subsidiereglement

Waasmunster
€ 500 voor een passieve woning (gecertificeerd passiefhuis)
Meer info

Wuustwezel
€ 1.250 voor een passieve woning (gecertificeerd passiefhuis)
Download het subsidiereglement

Zulte
€ 1000 voor het bouwen of verbouwen volgens het passiefhuisprincipe
Download het aanvraagformulier

Meerdere gemeenten onderzoeken momenteel een invoering van gemeentelijke passiefhuispremies.  Voor een overzicht van alle andere premies in uw gemeente, surf naar www.energiesparen.be of bel gratis 1700


4. Premies netbeheerders

Premies voor nieuwbouw bij AGEM, EANDIS, INFRAX en PBE (op basis van E-peil):
- Tot € 3800 (€ 4100 met zonneboiler) voor een woning
    o E80-E61: € 400 voor E80 en € 30 extra per E-peilpuntverbetering
    o E60-E41: € 1000 voor E60 en € 40 extra per E-peilpuntverbetering
    o E40-E0: € 1800 voor E40 en € 50 extra per E-peilpuntverbetering
    o € 300 extra voor het plaatsen van een zonneboiler
- Tot € 2000 (€ 2300 met zonneboiler) voor een appartement
    o E80-E61: € 200 voor E80 en € 10 extra per E-peilpuntverbetering
    o E60-E41: € 400 voor E60 en € 20 extra per E-peilpuntverbetering
    o E40-E0: € 800 voor E40 en € 30 extra per E-peilpuntverbetering
    o € 300 extra voor het plaatsen van een zonneboiler

Premies voor verbouwing volgens de passiefhuisstandaard bij AGEM en EANDIS:
    o € 2000 voor verbouwen woning volgens de passiefhuisstandaard
    o € 700 voor verbouwen appartement volgens de passiefhuisstandaard

Uw netbeheerder biedt ook nog verschillende andere huishoudelijke premies. U kan deze opvragen bij uw netbeheerder:

AGEM: meer info
EANDIS: meer info
INFRAX: meer info
PBE: meer info


Vragen ivm certificatie van passiefhuizen


Waarom en hoe laat ik mijn passiefhuis certificeren?

PHP verleent kwaliteitsverklaringen aan passiefhuisprojecten. Deze kwaliteitsverklaring biedt in België momenteel de hoogste onafhankelijke garantie op een energiezuinige gebouwschil.

Een passiefhuis heeft behoefte aan hoogwaardige bouwelementen (beste isolatie, koudebrugvrije aansluitingen, uitstekende luchtdichtheid, zeer efficiënte ventilatietoestellen, superisolerende ramen,..). Wanneer niet integraal wordt ontworpen of wanneer tijdens de uitvoering wordt bespaard op een component, bereikt het gebouw de passiefhuis-standaard niet en daarmee ook niet het gewenste comfort. Enkel wanneer aan alle vooropgestelde criteria werd voldaan, kan men spreken van een passiefhuis en kan een kwaliteitsverklaring worden uitgereikt. Dit certificaat biedt u dus zekerheid dat uw passiefhuis aan alle kwalitatieve eisen voldoet. Bovendien komt u met een gecertificeerd passiefhuis in aanmerking voor subsidies. Dit drukt voor een deel de meerkost die het bouwen van een passiefhuis met zich meebrengt.

Het certificaat wordt pas aangevraagd wanneer het gebouw definitief is opgeleverd. Op dat moment kan u bij PHP een dossier indienen. PHP onderzoekt vervolgens het verzoek, en reikt na het controleren van de berekeningen, al dan niet het certificaat uit.

Voor meer informatie over de vooropgestelde kwaliteitscriteria en de certificatieprocedure, klik hier


Kan ik met een gecertificeerd passiefhuis blijven genieten van de belastingvermindering, wanneer ik mijn passiefhuis binnen de 10 jaar verkoop?

Op federaal niveau is sinds 2007 een fiscale aftrek voorzien in de personenbelasting voor het bouwen van een passiefhuis. Een certificaat is daarvoor wel vereist. Het belastingsvoordeel bedraagt € 790 per jaar en mag gedurende 10 opeenvolgende jaren afgetrokken worden van de belastingen vanaf het jaar waarin is vastgesteld dat de woning een passiefhuis is.

De belastingvermindering geldt per woning en wordt verdeeld naargelang het aandeel in de eigendom. In het geval een eigenaar zijn aandeel in het passiefhuis verkoopt, dan kan die geen aanspraak meer maken op de belastingvermindering.

Een koper van (een deel van) het passiefhuis kan geen aanspraak maken op de vermindering omdat hij niet investeert in de verwerving in nieuwe staat of de bouw van een passiefhuis, of nog de vernieuwbouw van een woning naar een passiefhuis. De koper verwerft dus slecht een eigendomsaandeel in een bestaand passiefhuis.

De belastingvermindering wordt niet meer verleend vanaf het belastbaar tijdperk waarin de belastingplichtige niet langer eigenaar, bezitter, erfpachter of opstalhouder is van de in het eerste lid bedoelde woning.  De toestand wordt beoordeeld op 31/12 van het belastbaar tijdperk.

Bijkomende inlichtingen kan u steeds bekomen op het contactcenter van de Federale Overheidsdienst Financiën, elke werkdag van 8u tot 17u, tel.nr.: 0257/257 57.


Welke gegevens zijn er nodig voor de passiefhuis-certificatie van schrijnwerk?

1. snedes horizontaal en vertikaal van het ingebouwd raam 1:1.

2. Berekening van Uf und Ψ volgens de norm EN 10077 met een erkend 2D simulatieprogramma. PHP behoudt zich het recht voor om de simulatie te laten herberekenen. Er wordt gerekend in gespiegelde aansluiting „venster aan venster". De minimale binnenoppervlaktetemperatuur moet worden aangegeven (buiten -10°C; binnenlucht 20°C). Randvoorwaarden: buiten -10 °C, 1/αa = 0,04 m²K/W; binnen 20 °C; 1/αi = 0,13 m²K/W. De Warmtedoorgangscoëfficiënten van de gebruikte materialien zijn aan te geven volgens de Belgische normen of volgens proefgetuigschriften. De warmtedoorgangscoëfficiënten van holle ruimtes in ramen zijn te berekenen volgens prEN 10077-2. Een drievoudige beglazing met Ug = 0,7 W/(m²K) moet worden ingezet. De afstandhouder dienen te worden beschreven en mee te worden genomen in de simulatie. Indien de snedes doorheen de ramen op verschillende zijden verschillend zijn, dan dient de berekening te gebeuren op alle voorkomende snedes.

3. Berekening van de koudebrugverliescoëfficiënt Ψinbouw voor minstens drie passiefhuis-inbouwsituaties (gevelisolatie met pleister, buitenmetselwerk, houtbouw) met een erkend 2D simulatieprogramma. HP behoudt zich het recht voor om de simulatie te laten herberekenen. Ψinbouw dient als volgt te worden bepaald: Het gehele warmteverlies van het venster in de buitenwand wordt berekend (minstens 20 cm vrije glasoppervlakte, minstens 100 cm vrije buitenwand): Qges.,inbouw. Dan is:

Ψinbouw = Qges.,inbouw / ΔT - ( UWand · AWand + Ug · Ag + Uf · Af + lg · Ψg ).

Daarin betekent: ΔT is het temperatuurverschil tussen binnen en buiten, UWand de warmtedoorgangscoëfficient van de buitenwand, AWand de oppervlakte van de buitenwand tot aan het begin van het vensterraam (inclusief eventuele bevestigingsmiddelen), Ag en Af de oppervlakte van de beglazing resp. het vensterraam en lg de lengte van de glasrand in het rekenmodel. Indien de inbouw of de raamsnede op verschillende zijden verschillend is, dan dient de berekening te worden uitgevoerd voor alle voorkomende gevallen.