Passiefhuis Platform vzw
>> home NL | EN
     
 


Mail een vriend
 
 
Welkom > Stappenplan voor je passiefhuis
[print]

Stappenplan voor je passiefhuis

STAPPENPLAN VOOR EEN BETAALBAAR EN ENERGETISCH DUURZAAM BOUWPROJECT

Wie investeert in een duurzaam en degelijk gebouw stelt zich al snel de vraag welke garanties men moet eisen. Zijn E-peil en K-peil de na te streven kengetallen? Of bestaan er andere indicatoren die een grotere garantie geven op een duurzame investering? Met dit artikel reiken we een stappenplan aan, een kompas om in de juiste volgorde de juiste beslissingen te nemen. Een huis (ver)bouwen is voor velen de belangrijkste investering in een mensenleven: het is dus niet onbelangrijk om een goed inzicht te krijgen in het volledige bouwproces.

Eerst de gebouwschil, dan de technieken

Een degelijke gebouwschil met een dik isolatiepakket en een kierdichte afwerking bespaart massa’s energie. Het concept is eenvoudig: hoe minder warmte een gebouw verliest, hoe minder het verwarmd moet worden. Hetzelfde maar omgekeerd geldt voor de zomer. Een ‘passieve’ schil is dus de beste, financiële bescherming tegen stijgende energieprijzen. Bovendien doet een goede gebouwschil iets wat hernieuwbare bronnen niet kunnen: het comfort van de bewoners verbeteren. Tocht, condensatie, schimmels en kille en vochtige kamers zijn met een performante gebouwschil dus voltooid verleden tijd. En die zonnepanelen? Die kunnen er binnen enkele jaartjes alsnog bovenop: zo wordt een passiefhuis meteen een nulenergiehuis. Doe dat maar eens na in een gewone woning…

Meten is weten, gissen is missen

Om de kwaliteit van onze gebouwschil te evalueren hebben we een rekentool nodig. En hoewel het wettelijke K-peil en E-peil hun verdienstes hebben, vertellen ze niet het hele verhaal. Het K-peil geeft ons dan wel een idee van de isolatiegraad, het neemt luchtdichtheid en oriëntatie niet mee in de berekening. Bij het E-peil kan een slechte gebouwschil dan weer gemakkelijk gecompenseerd worden met hernieuwbare energietechnieken - fantastische technieken, maar enkel als kers op de taart.

Wie een juiste investeringsvolgorde belangrijk vindt, kan met de architect dus best een resultaatsverbintenis sluiten, gebaseerd op een netto energiebehoefte voor verwarming en koeling. Isolatie, luchtdichtheid en ventilatie worden hierbij in rekening gebracht, zonder compensatie met hernieuwbare technieken. Een échte indicator dus voor de kwaliteit van de gebouwschil. Voor wie een passiefhuis wil bouwen, is dit kengetal hoogstens 15 kWh/m².jaar – het equivalent van een verwarming met het vermogen van een strijkijzer. Een gedetailleerde berekening met strikte randvoorwaardes geeft uitsluitsel voor het passiefhuiscertificaat. PHP stelde een vademecum op waarin alle randvoorwaardes worden uitgelegd. Meer uitleg hierover vindt u hier.

En wat mag dat kosten?

Het klinkt als muziek in de oren, maar tegenover een betere kwaliteit en meer comfort staat onvermijdelijk ook een meerprijs. En die varieert. Aanzienlijk. Voor bouwheer en architect liggen hier dus grote kansen. Een geïntegreerd concept waarbij licht, zicht, beleving én energie een speerpunt zijn vanaf het voorontwerp kan vele euro’s besparen. Daarom zetten we graag enkele passieve strategieën op een rij die essentieel zijn voor een kostenefficiënte, energiearme woning. Een compact gebouw heeft minder warmteverliesoppervlakte en zal dus minder verwarming nodig hebben. Nemen we een rijhuis en een viergevelwoning met dezelfde oppervlakte, dan zal de eerste met 5 cm minder isolatie in de gevels en 8 cm minder in het dak toch maar evenveel verbruiken als zijn oncompacte broertje. U maakt zelf ongetwijfeld de rekening. Oriëntatie. Een uitgekiende plaatsing van de ramen en een doordachte indeling van de ruimtes is een absolute topprioriteit. Groepeer waar mogelijk de warme (geïsoleerde en luchtdichte) ruimtes en scheid ze duidelijk van kelders, koude bergingen,…  Ook natte ruimtes horen samen: technische leidingen en ventilatiekanalen worden hierdoor een pak korter en verliezen minder energie. Een verstandige integratie van de energietechnieken beperkt dus niet alleen de bouwkost, maar ook de energieverliezen. Wie meer wil weten over de kostenefficiëntie van zijn ontwerp kan voor een planadvies steeds terecht bij de adviseurs van het Passiefhuis-Platform; zij bouwden rond deze thematiek al heel wat expertise op!

Van de teken- naar de rekentafel

Is het voorontwerp klaar dan kan een eerste berekening helpen om de puntjes op de i te zetten. De impact van verschillende ontwerpmaatregelen op het energieverbruik kan met de PHPP-rekenbladen gemakkelijk getoetst worden om zo tot een definitief ontwerp te komen. Het resultaat is een logisch en kostenefficiënt evenwicht tussen de performantie van het glas en het schrijnwerk, de muur-, vloer- en dakopbouw, de ventilatievoorzieningen, … Het is daarbij zeker niet verplicht om steeds met passiefhuis-gecertificeerde componenten te werken. Wel controleert u best de betrouwbaarheid van de door fabrikanten en leveranciers aangeleverde gegevens. Producten die gecontroleerd werden door onafhankelijke instanties conform de geldende, Europese normeringen, zijn onder meer de ATG-, BUTGB- en ETA-certificaten. Ook de productwaardes, vermeld op www.epbd.be worden zonder meer aanvaard. Verdere richtlijnen vindt u terug in het reeds vermelde vademecum. 

Van idee naar realiteit

In overleg met ingenieur, installateur en aannemer, … vertaalt de architect het definitieve ontwerp naar een uitvoeringsdossier: een belangrijke vertaalslag die tijd en overleg vergt en de kwaliteit van de werf in grote mate zal bepalen. Een goed uitvoeringsdossier bevat naast de wettelijke minimumplannen, ook een bundel met uitgewerkte bouwdetails: voor de uitvoerder moet het immers duidelijk zijn waar, wanneer en hoe de isolatie en de luchtdichting aangebracht moeten worden om tot een koudebrugvrije en luchtdichte constructie te komen. Het Passiefhuis-Platform stelt hiervoor op www.bouwdetails.be alvast een aantal principedetails beschikbaar met uitgebreide uitleg. Vaak stiefmoederlijk behandeld maar wél essentieel vóór de eerste steen wordt gelegd, is een ventilatieplan. Een goed ontwerp voorziet voldoende plaats voor ventilatiekanalen, ventilatietoestel, aan- en afvoeropeningen. Kanaalsecties en debieten zijn onontbeerlijk op dit plan. Een juiste inregeling van het ventilatiesysteem bij de oplevering en een goede inspecteerbaarheid achteraf zijn een must. Op www.beterventileren.be kan u de belangrijkste aandachtspunten vinden. Wanneer het volledige uitvoeringsdossier klaar is kan de projectverantwoordelijke (bouwheer, architect, …) een verhoogde zekerheid inbouwen door het dossier voor te leggen aan de adviseurs van Passiefhuis-Platform. Hiermee kan hij zichzelf ook deels ontlasten van de hoge verantwoordelijkheidsgraad die hij aanging in de resultatenverbintenis. Menselijke fouten van het volledige ontwerpproces worden dan ook herleidt tot een absoluut minimum.

Certificatie

Om het passiefhuiscertificaat aan te vragen houdt u tijdens de uitvoering van de werken zorgvuldig alle leveringsbonnen en facturen bij. Deze moeten fabrikant, producttype en geleverde hoeveelheid en/of afmetingen vermelden. Foto’s van de bouwwerken en de specifieke knooppunten kan u als bewijsmateriaal gebruiken bij de aanvraag. Wanneer de ruwbouw luchtdicht is gemaakt, maar de binnenafwerking nog niet is geplaatst, kan een eerste luchtdichtheidstest worden uitgevoerd om eventuele luchtlekken te remediëren. Dit is het moment waarop het schrijnwerk nog kan worden afgesteld en correcties aan de luchtdichtingslaag kunnen worden uitgevoerd tot de vooropgestelde luchtdichtheidswaarde wordt gehaald. Bij een voldoende groot temperatuursverschil kan men dit onmiddellijk combineren met een infraroodcamera-inspectie.
Alle informatie over de certificatie van uw project, vindt u hier.

Bij oplevering van de woning hebt u tenslotte nog nodig:
• een luchtdichtheidsmeetrapport conform meetmethode A (een benadering van de reële gebruikstoestand conform NBN EN 13829), en dit bij onder- en overdruk.
• een inregelrapport van de ventilatie-installatie. Hier is geen plaats voor compromissen of halve oplossingen: een goed functionerend ventilatiesysteem is van groot belang voor een gezond en comfortabel binnenklimaat! Een handleiding voor het gebruik en het onderhoud van uw ventilatie-installatie is onontbeerlijk.
• Vrijblijvend maar aangeraden (bij elke woning) is een inregelrapport van uw verwarmingsinstallatie en een infraroodcamera-inspectie van de gebouwschil (bij voldoende grote temperatuurverschillen tussen binnen en buiten)

Als laatste stap rest nu nog enkel de feitelijke aanvraag van het passiefhuiscertificaat. Hiervoor dienen alle plannen en berekening “as-built” gemaakt te worden. Het passiefhuiscertificaat geeft u € 830 fiscaal voordeel gedurende 10 jaar. Vanaf 2010 komt er bovendien ook een fiscale stimulans van € 1660 voor nulenergiegebouwen waarvan de energiebehoefte voor verwarming en koeling gelijk is aan 0 kWh/m².jaar. Ook de verdienste van een goede laagenergiewoning, met een netto energiebehoefte voor verwarming en koeling van maximaal 30 kWh/m².jaar, wordt gehonoreerd met een premie van € 415 gedurende 10 jaar. Deze fiscale stimuli zijn een federale maatregel en zijn dus cumuleerbaar met de gewestelijke premie(s) die u kan terugvinden op www.premiezoeker.be

Van innovatie tot renovatie

Ten slotte wensen we ook nog te benadrukken dat er reeds heel wat innovatieve technieken bestaan om ook van de bestaande gebouwen zeer laag energie gebouwen te maken. Wanneer men een gebouw volledig stript zodat alleen de dragende constructie overeind blijft zal bovenstaande werkmethode blijven gelden.  Wil men dit echter in een stapsgewijze aanpak realiseren dan is het ook nog steeds uitermate belangrijk om vooraf het einddoel zeer goed te definiëren. Een geïntegreerd ontwerp blijft dus ook hier onontbeerlijk, zo niet dreigt men vaak oneconomische beslissingen te nemen die ook op het vlak van duurzaamheid een nefaste impact hebben. Door een aantal specifieke renovatieproblemen kan de passiefhuis-standaard niet altijd kostenefficiënt bereikt worden. In dat geval zal men overstappen naar een renovatie met passiefhuis-componenten zodat het eindresultaat in de meeste gevallen correspondeert met een netto energiebehoefte voor verwarming van ca. 25 à 30kWh/m².jaar. Dit is nog steeds 2,5 tot 3 keer beter dan de huidige nieuwbouw-standaard.
Vermits het toekomstig potentieel vooral in de renovatiemarkt zit, zal Passiefhuis-Platform vzw elk bedrijf actief ondersteunen bij het uitdenken en uitwerken van specifieke oplossingen voor deze sector. Passiefhuis-Platform vzw is dan ook lid van het Vlaams innovatienetwerk.

 

Dit artikel kwam tot stand mede dankzij de financiële steun van IWT Vlaanderen.